De andere kant van de muur: onze eerste stappen in China

China, zonder twijfel het land dat me altijd al het meest intrigeerde, maar ook waar we het meeste schrik voor hadden. Voor vertrek wisten we eigenlijk maar weinig over dit land, behalve wat de media ons erover vertellen. En hoewel we in een democratie leven, zijn onze media (en dus wijzelf ook) niet vrij van vooroordelen.

Eén ding is zeker: een maand doorbrengen in China laat niemand onverschillig. Het is geen kleinigheid om een land te ontdekken waar alles zo… immens is. 9,5 miljoen km² oppervlakte, adembenemende landschappen die eindeloos lijken, XXL-steden. En een alomtegenwoordige bewaking die je het gevoel geeft dat Big Brother altijd over je schouder meekijkt.

Ik ga jullie het verhaal van China vertellen aan de hand van verschillende ontmoetingen. Hou je vast, we zijn vertrokken!

Hoofdstuk 1: De Chinese Canadees die ik ontmoette in Japan

In Japan ontmoette ik een Chinees die in Canada woont. Hij waarschuwde me voor de twee dingen die je absoluut niet moet doen in China. Ten eerste, nooit een joint roken. Makkelijk. En vooral, niet over politiek praten. Dat laatste ligt al wat moeilijker voor mij… Zeker omdat ik net vijf uur aan France Inter-podcasts over de situatie in China had beluisterd voordat ik vertrok. Niet ideaal dus om mijn mond te houden.

Het is gemakkelijk te vergeten hoeveel invloed politiek heeft op een land, vooral als je al zo lang in België woont, waar zeggen wat je denkt vanzelfsprekend is! Maar in China is alles anders. Politiek is de lijm die het geheel bij elkaar houdt; het vormt de omgeving en beïnvloedt hoe mensen leven en denken.

En als een dictatuur lang genoeg blijft bestaan, zien we altijd hetzelfde patroon: een samenleving hervormd naar het beeld van het regime.

Om dit resultaat te bereiken, volgen dictaturen min of meer dezelfde beproefde formule: een overdreven nationalisme, externe vijanden (vaak de buren, met natuurlijk ook de Verenigde Staten bovenaan), volledige controle over de media, zorgvuldig herschreven schoolboeken om de jeugd te kneden, een grondwet op maat, en… doorgedreven massacontrole. Voeg een beetje van dit alles toe, laat 5, 10, 20 jaar sudderen, en je krijgt een goed geoliede cocktail.
De Chinese regering beheerst dit dan ook perfect.

  • Om te beginnen, de beroemde Chinese firewall, poëtisch “The Great Firewall” genoemd, die toegang tot meer dan 8.000 platforms blokkeert. Onze Europese smartphone werd daar dus vrij nutteloos, aangezien 80% van de apps en websites die we dagelijks gebruiken ontoegankelijk zijn hier:
    • Facebook en Instagram? Vergeet het, tenzij je een voorkeur hebt voor Chinese sociale media (hallo TikTok).
    • Google, Outlook, Yahoo? Vergeet het maar.
    • Vrijwel geen kranten: Le Monde, De Tijd, CNN, BBC? Niets werkt. Goed nieuws: HLN en Sporza werken, en ironisch genoeg, Fox News ook. Zelfs een autoritair regime kent het verschil tussen nieuws en… iets anders 😉.

Buitenlanders kunnen deze firewall omzeilen met een VPN, maar voor de Chinezen? Niets van dit alles. Hetzelfde geldt voor tv: alles is onder staatscontrole.

  •  Voor wie denkt dat ChatGPT de wereld zal redden: alvast niet hier. Het is geblokkeerd, en China ontwikkelt natuurlijk zijn eigen AI-model. Handig, toch? Je leert het wat je wil dat het zegt, en hop, Taiwan wordt een Chinese regio.
  • President Xi Jinping heeft ook de grondwet aangepast om langer aan de macht te blijven. Wie zei dat twee termijnen genoeg waren?

En dan is er de beroemde 18e september, de “Nationale Vernederingsdag”. Elk jaar loeien de sirenes om 9:18 uur, als herinnering aan de Japanse invasie in 1931. Dit, ingesteld in 2001, voedt een nationalistisch discours: “Wij, het Chinese volk, tegen de buitenlanders.” Een beproefde tactiek om het nationalisme aan te wakkeren. We zagen dan ook meerdere “anti-Japanse” monumenten.

  • GDPR of privacy? Vergeet het. Op het vliegveld worden onze paspoorten direct gekoppeld aan ons gezicht. Op de schermen verschijnen onze namen voor de gate-informatie: “Susan Decock, gate 26”. Pure verbazing… “We hebben toch niets getekend” werkt hier niet echt. Gezichtsherkenning, geen anonimiteit meer, zelfs niet om eens subtiel in je neus te peuteren.

En dan zijn er nog de camera’s. Ze zijn OVERAL! In taxi’s, bij treinbegeleiders (ja, die dragen ze op hun borst), in hostels, minibussen en op straat. Met gezichtsherkenning als bonus; ze weten altijd waar je bent, wat je doet… zelfs vóór jij het weet.

Ironisch, nietwaar? China noemt zichzelf de “Volksrepubliek China”. Het volk, echt waar?

 Hoofdstuk 2: De Flikken van Peking

Peking verrast ons. Overal zie je kleurrijke fietsen, elektrische scooters en luxewagens. De stad ademt een bepaald niveau van welvaart uit. Ondanks hun erbarmelijk niveau in het Engels, zijn alle borden vertaald. Engels maakt deel uit van de drie hoofdvakken in het secundair onderwijs, maar eerlijk gezegd, je moet moeite doen om iemand te vinden die één zin kan uitspreken!

Ik voel me niet op mijn gemak. Om het beroemde Tian’anmenplein te betreden, moeten we onze paspoorten drie keer tonen en onze rugzakken leegmaken. Ik probeer uit te leggen dat de belachelijke ninjasterren uit Japan speelgoed voor kinderen is. De politie is overal. Nola vraagt me constant waarom er zoveel agenten zijn, vooral na anderhalve maand in Japan waar je bijna nooit een politieagent ziet.

Niet dat wij als enigen geviseerd werden: ook de Chinezen zelf worden aan deze controle onderworpen. Hun identiteitskaart fungeert als toegangsticket bij elke ingang. Geen uitzonderingen, dit is het grote gelijkheidsprincipe van de veiligheid.

Dan komen we aan in de Verboden Stad. Het uitzicht is zo adembenemend dat ik eindelijk begin te ontspannen.

De enorme uitgestrektheid beneemt mij de adem. Het lijkt wel eindeloos. Van een gigantische binnenplaats naar de andere, sommige zo groot dat er 100.000 mensen in passen.

Hier wat cijfers om je te laten duizelen: de Verboden Stad beslaat ongeveer 720.000 m², met meer dan 8.700 kamers verdeeld over 980 gebouwen. Bijna vijf eeuwen lang noemden 24 keizers deze plek “thuis”. Ze zorgden er wel voor dat ze het goed hadden, al heeft de bouw van dit juweel veel levens gekost. En zoals zo vaak doet geen enkele foto deze soort plek echt recht aan. Je moet er gewoon zijn.

Vlakbij (nu ja, op 2 uur rijden dan toch) ligt de Chinese Muur, al mijn hele leven op mijn bucketlist. 6.500 km aan aaneengesloten muur is al een prestatie op zich. Maar als je alle secties optelt die in de loop der eeuwen zijn gebouwd, kom je op zo’n 21.196 km uit. Ja, je leest het goed! Het is de langste menselijke constructie ooit. Het diende om de indringers af te weren. Wat me het meest verrast tijdens het wandelen, is de hoogte, die soms meer dan 10 meter bereikt, en vooral het bergachtige landschap. De muur volgt letterlijk de contouren van de bergen, en erover lopen is bijna een permanente klim. Voor ons tenminste. De soldaten daarentegen, die waren te paard…

Naast dit alles hebben we ook het Zomerpaleis en de Tempel van de Hemel bezocht, must-sees. Deze plekken zijn net zo indrukwekkend door hun grootte als door hun schoonheid. Drie dagen in Peking waren eigenlijk veel te kort. We hadden één of twee dagen langer moeten blijven om echt van deze fascinerende hoofdstad te kunnen genieten.

Hoofdstuk 3: De Kinderen in de Trein

We zijn in de TGV. Nola maakt haar huiswerk aan een tafel met een ander meisje van 11 jaar. Al snel zitten er zes kinderen om ons heen. Een jongen corrigeert Nola’s wiskunde-oefeningen, Matteo speelt met autootjes samen met een klein meisje, en ik verbeter de Engelse oefeningen van haar oudere zus! Het is een leuke mix.

Ik hou van de trein; het zorgt voor ontmoetingen, is een ecologische manier van reizen en laat je zien hoe een land is opgebouwd. En met het waanzinnige hogesnelheidsnetwerk van China zijn we niet teleurgesteld. We hebben meer dan 5.000 km van de 45.000 km van het bestaande treinnetwerk in China afgelegd. 55% van het wereldwijde hogesnelheidsnetwerk bevindt zich hier in China… dat benadrukt het belang van de trein hier, en de ontwikkeling van China.

De trein van Beijing naar Xi’an doorkruist verschillende steden met meer dan 300 km/u, steden waar je waarschijnlijk nog nooit van gehoord hebt (Zhengzhou, Shijiazhuang en Xi’an). Ze hebben allemaal één gemeenschappelijk kenmerk: het zijn steden met meer inwoners dan België. Ja, al deze steden hebben een bevolking van meer dan 11 miljoen. Toen ik zei dat alles hier enorm is, bedoelde ik dat ook echt.

Al deze steden lijken een beetje op elkaar, met enorme woongebouwen die als paddenstoelen omhoog schieten en ultramoderne wolkenkrabbers, allemaal omringd door nieuwe wegen. Tussen deze steden is er veel natuur, velden, bergen en dorpen vol met eengezinswoningen van metaal en beton. Japan gaf me het gevoel dat het overal dichtbevolkt was. In China heb ik meer het gevoel dat er veel steden zijn en daar tussenin niet veel. De gebieden die we doorkruisten zijn eigenlijk vrij groen, buiten de steden.

Dit weerspiegelt wat er de afgelopen decennia is gebeurd: een vastgoedmarkt die maar bleef bouwen, steden die steeds groter werden. Ze moesten zoveel mogelijk Chinezen urbaniseren… Het huidige probleem is dat ze te veel hebben gebouwd, en vandaag de dag is 30% van de woningen onbewoond omdat hoge prijzen het moeilijk maken voor veel Chinezen om te kopen. Daardoor gaan sommige van deze bedrijven failliet. Dat is een grote doorn in het oog van de regering.

Is het jammer dat deze wolkenkrabbers zijn gebouwd? Urbanistisch gezien zeker. Voor de Chinezen weet ik het niet. We hebben gelogeerd in zo’n soort slaapstad. Het lijkt een beetje op sociale woonblokken… maar wel het soort waar je je goed voelt. Aan de basis van deze hoge torens is het heel groen, heel schoon en heel veilig. Als je de alomtegenwoordigheid van deze grote appartementen weghaalt, is het er eigenlijk best aangenaam.

Dus hadden we gelijk om wantrouwend te zijn? Na een week is het antwoord minder voor de hand liggend. Natuurlijk lijkt alles gemakkelijker als je de codes begrijpt: taxi’s zijn modellen van snelheid en efficiëntie, de straten ademen netheid uit en veiligheid is vanzelfsprekend (een van de zeldzame cadeaus van een goed geoliede dictatuur). Ja, het werkt. Maar dit is slechts wat je aan de oppervlakte ziet, een eerste laag vernis over de uitgestrektheid van het land.

Wat ligt er onder deze vernis? Daarvoor zal je de volgende blogpost moeten lezen! De volgende aflevering brengt ons naar Yunnan en Guangxi, in het hart van China. Het programma omvat adembenemende bergen, uitgestrekte rijstterrassen, terracotta soldaten en, natuurlijk, een parade van kleurrijke personages – taxichauffeurs met een poëtische ziel en TikTokkers met een groot ego – de nieuwe koningen van de aandacht. Want China, achter zijn facade van de eeuwige glimlach, heeft nog veel geheimen te onthullen.

2 responses to “De andere kant van de muur: onze eerste stappen in China”

  1. Maureen O’SULLIVAN avatar
    Maureen O’SULLIVAN

    Schitterend! In één ruk uitgelezen! Je moet bij thuiskomst een boek schrijven👌🏻

    Liked by 1 person

    1. Zo lief! dank u wel Maureen

      Like

Leave a reply to Maureen O’SULLIVAN Cancel reply

Search